Contactgegevens:

Tekstvak: FREEMASONRY.NL

Zelfstandige Orden in Nederland

 

Hoge Graden

De zogenoemde Hoge Graden in Nederland is de oudste zelfstandig werkende Grootmacht in Nederland. De origine van deze werkwijze vindt haar oorsprong in het Franse ĎRite Moderneí met haar 7 graden. Hoogte punt is de verheffing tot Soeverein Prins van het Rozenkruis (SPR+), middels een indrukwekkend rituaal, dat Nieuw Testamentisch is georiŽnteerd. De van oorsprong Christelijke Orde is gaande weg, in de ogen van vele leden, meer een universele benadering van een Christelijk principe geworden. Met meer dan 2000 leden is het de grootste van de Zelfstandige Orden in Nederland geworden. Elke Meester kan zich na zijn verheffing aanmelden voor het lidmaatschap.

 

Afdeling van de Meester Graad (Bouwhut)

Zie daar een van de benamingen die men in de Vrijmetselarij kan tegen komen, om een van de meest merkwaardige MaÁonnieke verschijnselen aan te duiden die geen enkel equivalent in het buitenland heeft.

Deze Zelfstandige Nederlandse Orde is opgericht door de Groot Meester Nationaal, Prins Frederik uit onvrede met de in zijn ogen vele werkwijzen die hand over hand de Nederlanden veroverden. Wij spreken dan over de Hoge Graden en de Aloude Aangenomen Schotse Ritus die in die tijd vooral in het Christelijke BelgiŽ hoge ogen gooide.

De Kamer van Administratie is de overkoepelende organisatie van alle Bouwhutten. Aan het hoofd daarvan staat de Voorzitter. In een Bouwhut wordt doorgaans met niet meer dan 15 leden gewerkt. Grote waarde wordt gehecht aan de goede vriendschap tussen de leden van de Bouwhut onderling, men noemt elkaar dan ook Vriend. In een kort maar uiterst charmant rituaal wordt een nieuwe lid als Uitverkoren Meester opgenomen, waarin het 'Jij en Ik' de essentie vormen. Elke Meester kan worden uitgenodigd om toe te treden tot een Bouwhut.

 

Aloude Aangenomen Schotse Ritus (Schotse Ritus)

Deze Zelfstandige Nederlandse Orde verkrijgt haar constitutie van het Conseille SuprŤme van BelgiŽ in 1913. Vanaf de 4de Graad tot en met de 33ste Graad werkt zij in een aantal Consistories in Nederland. Na verloop van tijd krijgen de leden doorgaans de 32ste Graad. Er wordt niet in alle graden gewerkt, in een zevental wordt regelmatig gewerkt, de overigen zijn soms demonstratie graden. In een aantal graden wordt 'lokaal' gewerkt. In de centrale bijeenkomsten vinden meestal de initiaties voor de hogere graden plaats. Hoewel er wordt gesteld 33 graden te beheren, zijn daarbij ook de eerste drie graden van Leerling, Gezel en Meester geteld. Het beheer van deze drie graden is echter voorbehouden aan de Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden, zodat daarin niet mag en kan worden gewerkt. Elke Meester kan verzoeken om tot de Schotse Ritus toe te treden.


Heilig Koninklijk Gewelf (HKG)

Deze Orde wordt wereldwijd The Holy Royal Arch Masons genoemd, met de afkorting R.A. In vele landen waar deze 'graad' wordt beoefend, heeft zij een eigen benaming in de voertaal. Het is een van de belangrijkste en meest verbreide 'graden' na de Meestergraad van de Orde van Vrijmetselaren. Zij sluit vrijwel direct aan op de Verheffing tot Meester en is oud Testamentisch georiŽnteerd. Elke Meester Vrijmetselaar kan, na de door traditie bepaalde 10 maanden na zijn verheffing, het lidmaatschap aanvragen.

De strekking van de ritus is de terugkeer van Zerubbabel uit BabyloniŽ na zijn gevangenschap aldaar. Ook het op bijzondere wijze vinden van het verloren gegane woord speelt een cruciale rol in deze ritus.

Sommige Orden, in voortgezette werkwijzen, verlangen van hun kandidaten het lidmaatschap van het HKG, alvorens zij lid van die Orde kunnen worden.

Van de Zelfstandige Nederlandse Orden is het Heilig Koninklijk Gewelf de jongste. Opgericht in 1950 verwerft zij in relatief korte tijd een groot aantal leden. Op 17 juni 2000 vierde de Orde op grootse wijze haar 50 jarig bestaan. Daarbij werd een nieuwe Groot Eerste Princeps, als hoofd van de Orde verkozen en geÔnstalleerd. Met de gewoonte om door coŲptatie de Grootmeester van de Orde van Vrijmetselaren te vragen om Groot Eerste Princeps van het HKG te worden is toen gebroken. Voortaan stellen de Statuten van Orde dat een Groot Eerste Princeps uit de leden van de Orde moet worden gekozen.

 

Historie

Gedurende de oorlogsjaren komen een aantal Nederlandse Vrijmetselaren in Engeland in contact met deze werkwijze en raken daardoor geboeid. Vooral de rituele werkwijze spreekt hen aan. Zij besluiten na de oorlog het rituaal in het Nederlands te vertalen om zodoende dit, niet makkelijke rituaal, voor Nederlandse Vrijmetselaren toegankelijk te maken. Begonnen met ťťn Kapittel is dit nu uitgegroeid tot 30-tal Kapittels, waarin ongeveer 1500 leden werken.

 

Hoewel men elkaar toen aansprak als Ridder, in plaats van het Engelse Compagnon, is deze term niet juist. Het HKG heeft niets met het Ridderschap te maken en deze foute betiteling moet op het conto van de Nederlandse oprichters worden geschreven. Begrijpelijk is het wel. In de jaren '50, zo vlak na de Tweede Wereld oorlog was de eigenlijke naam, het vanuit het Engels vertaalde 'Compagnon', onmogelijk in te voeren als Kompaan. In BelgiŽ werd dit omzeild door de titel Medgezel, van het woord medegezel, eraan toe te kennen. Een titel die de lading wel dekt, maar niet de juiste is, waar het oud Nederlandse woord kompaan dit wel doet. Ook het Franse woord Compagnon is hieraan verwant. Dat het woord kompaan een samenzweerderig karakter zou hebben, is een gevoelskwestie die zo niet door een ieder wordt opgevat. De huidige titel die na een rituaal correctie werd doorgevoerd is Broeder. In ieder geval beter dan het Ridder. Misschien dat de Orde na verloop van tijd de moed krijgt om het originele Kompaan te gaan gebruiken.